Biografie
Geboren op 4 juni 1961 in Goes. Alhoewel mijn familie van zowel mijn vaders als moederskant al eeuwenlang in de provincie Utrecht woont, hebben wij zo’ n 4 jaar in Goes gewoond. Daarna weer snel terug naar Utrecht, waar ik vanaf 4 juni 1964 ben opgegroeid in Overvecht (Arnodreef). Een wijk in opbouw waar mijn ouders twee Spar-supermarkten hadden. Het platteland bleef echter trekken, als boeren van huis uit en in maart 1972 zijn wij verhuisd naar Vleuten. Een geweldig mooi huis, volop ruimte en groen. Maar na de middelbare school (Bruyne Lyceum) wilde ik natuurlijk ook naar de wilde, volwassen stad Utrecht met alle uitgaansgelegenheden van dien. Dus op kamers in Oudwijk (van Limburg Stirumstraat) en een paar jaar later naar een benedenwoning in Buiten-Wittevrouwen (Adriaanstraat), daarna naar Rivierenwijk (Merwedekade) en tenslotte op stand in de Binnenstad van Hoch Boulandt: de Catharijnesingel.Uitgeloot voor de studie Geschiedenis, vond ik de combinatie van studie en werk die de MO-opleiding Geschiedenis bood, een ideale uitkomst. Werken als ik geld nodig had en verder veel sporten, uitgaan en ook nog wat studeren. Heel veel geleerd, vooral van werken bij allerlei bedrijven en horecagelegenheden. Van mensen zoals Hanny Wieman en Rika Vallen in café-restaurant Vallen in Vleuten.
Maar ooit moest er een einde komen aan dit vrije leventje en moest er serieus gewerkt worden. In het onderwijs was volstrekt geen werk te vinden, behalve wat invalbanen hier en daar. Carričreperspectief was er al helemaal niet en na de Herijking Onderwijs Salarissen (HOS) onder minister Deetman leek mij het onderwijs bepaald onaantrekkelijk.
Via mijn zus heb ik dan toch maar gesolliciteerd bij de KLM als stewardess. Het reizen leek me geweldig, maar volstrekt linksgeoriënteerd, leek mij de vliegwereld niets. Iedereen die in de jaren ’70 opgegroeid is, kent nog de enorme polarisatie die er toen in de politiek was. Je was links of rechts. Daartussen in bestond niet. De allereerste keer dat ik mocht stemmen was in 1979, ik meen voor de Provinciale Staten. Op dat moment woonde ik nog in Vleuten en kon je stemmen in het stemlokaal op de Alendorperweg, in de proeftuin. In de lokale pers van Vleuten-de Meern stonden de uitslagen per stemlokaal. Trots zag ik dat ik de enige was die in dat stemlokaal op de CPN had gestemd. Ik had gelijk, dat kon niet anders!
Achteraf kijk ik met verbazing naar mijn vastgeroeste en vastomlijnde ideeën van toen. De KLM bleek een prima werkgever te zijn en de vliegwereld vond en vind ik geweldig. Ik ben verslaafd aan het vliegen, aan de onregelmatigheid, aan mijn functie van senior purser (waarbij je aan boord van intercontinentale vluchten leiding geeft aan het cabinepersoneel), aan mijn inspirerende collega’s en boeiende passagiers.
Politiek gezien kom ik uit een nest dat van mijn moederskant met name CHU was en mijn vaderskant vooral VVD. De laatste jaren vonden ze echter elkaar bij D66. Vooral vanwege de genuanceerdheid en de balans van het beleid van D66.
De jaren des onderscheid kwamen gelukkig al snel naarmate ik volwassener werd. Ik las voor elke verkiezing de verkiezingsprogramma’s van partijen die mij aanspraken en stemde daarom heel vaak D66. Alhoewel ik voor de Provinciale Staten ook nog eens Groen Links heb gestemd (of de PPR, wie kent die partij nog?). Voor de Tweede Kamerverkiezingen kreeg de eerste vrouw op de D66-lijst mijn stem. Van Mierlo sprak mij geweldig aan vanwege zijn bevlogenheid en vermogen tot filosoferen. In een debat met onder meer Wiegel sprak hij de voor mij oogopenende woorden (uit mijn geheugen geciteerd): “politiek is niet iets van simpele oplossingen en one-liners, maar een doorwrochte uiting van de vele opvattingen in een complexe samenleving van individuën die richting willen geven aan de toekomst van de wereld.” En zo is het maar net. Het lijkt net een open deur, maar toch. Hoe meer ik van de wereld zie, hoe meer het ging om deze kwaliteit van bestuur.
En besturen deed ook ik. Vanaf het leerlingenparlement vond ik dat mensen zelf invloed moesten kunnen uitoefenen op hun omgeving, werk of school. Dat komt ten goede aan de kwaliteit van het beleid, maar ook ten goede aan samenhang, draagvlak, eigen verantwoordelijkheid, enz. Dus richtte ik samen met anderen het leerlingenparlement op van het Bruyne Lyceum, deed in allerlei besturen van tennisverenigingen, werd voorzitter van verenigingen van eigenaren van koopappartementen op de Catharijnesingel en werd ik al snel verkozen in het Ondernemingsraadbestel van de KLM. Omdat ik altijd een mening had over hoe de organisatie van de discussie nog beter kon gedaan, leidde dit regelmatig tot het voorzitterschap van die besturen. Uiteindelijk leidde dit tot het voorzitterschap van de op 1 na grootste onafhankelijke vakbond van Nederland, de Vakbond voor Nederlands Cabinepersoneel VNC. Een vakbond door en voor cabinepersoneel dat werkzaam is voor Nederlandse luchtvaartmaatschappijen. Alhoewel ik voorzitter was in een tijd dat het goed ging met de luchtvaart en dus niet al te veel pijnlijke maatregelen moest uitonderhandelen, zorgde ook mijn open en aanspreekbare houding voor de grootste ledenaanwas en hoogste organisatiegraad in de geschiedenis van de vakbond. Tussen de mensen in staan, veel met mensen praten en vooral veel naar mensen luisteren – en dat alles vertalen in goed beleid met veel draagvlak – het blijft mij boeien en inspireren.
Naast gebruik maken van de kennis en ervaring van mensen, maakte ik ook veel gebruik van de pers. Gratis publiciteit voor de goede zaak! En mensen worden zo trots op de organisatie waarvan ze lid zijn. Dat verhoogt de betrokkenheid weer en dus de organisatie van de discussie en het daaruit voortvloeiende beleid. Nadat ik voorzitter werd van de WijkRaad Vleuten-de Meern, heb ik ook een goede band ontwikkeld met de lokale media. Dat zorgde voor herkenbaarheid van de WijkRaad, een enorm goede band met allerlei bewonersorganisaties, ondernemersorganisaties, enz. En die saamhorigheid zorgde weer voor een geweldige sterke lobby vanuit bewoners en ondernemers in Vleuten-de Meern en Leidsche Rijn richting politiek. We hebben door die saamhorigheid overwinningen binnengehaald die leidde tot een betere fasering en doorstroming van de infrastructuur in en rond De Meern. En ook dat er geen woningbouw binnen het lint van het Leidsche Rijn Park komt.
Dat alles werd gedaan door vele vrijwilligers, met een enorme inspanning, inzet en energie. De vertaling daarvan richting politiek was veelal mijn pakkie an. En warempel, ‘mijn’ D66 was in de persoon van Alice van Rooij de meest aanspreekbare en luisterende raadslid. Dat wil niet zeggen dat er binnen andere partijen ook niet hele goede, aanspreekbare en open raadsleden of wethouders zijn waar ik veel waardering en respect voor heb gekregen. Zo heb ik bijzonder goed en prettig samengewerkt met René Verhulst, Nicole Wigny, Vincent Oldenborg, Daniëlle van de Broek, Edzard van Holthe, Halbe Zijlstra, Herman Kampers en Robert Giesberts. Dwars door de partijen heen dus. Zo zou ik ook graag als raadslid blijven functioneren: ten behoeve van bewoners en ondernemers in Utrecht en Vleuten-De Meern/Leidsche Rijn zoeken naar gezamenlijkheid in doel en middelen.
Intussen woon ik dus weer in Vleuten, op het mooiste plekje en in de leukste buurt met werkelijk de aardigste buren. Ik woon samen, maar mijn privé-leven zou ik graag gescheiden blijven houden van deze website. Dat hebben we zo samen afgesproken. Wel wil ik verklappen dat we twee van de meest lieve poezen hebben op aarde (Otje en Miepje) en de grootste kater van de buurt (Karel). Af en toe komt nog een zwerver slapen (Tommy) en eieren krijgen van drie kakelende krielkuifhoenders (Bep, Truus en Pien). En heel veel vissen hebben we ook.
nog meer info